Hervormingsgezinde Oekraïners houden druk op de overheid

De Oekraïense Oleksandr raakte in januari 2015 zwaargewond aan zijn benen. Geld voor de gecompliceerde operatie van de 38-jarige soldaat was er niet. Gelukkig was daar de People’s Project, dat met 4.870 donateurs in Oekraïne al 362.157 dollar voor gewonde soldaten ophaalde. Oleksandr onderging een operatie in een gespecialiseerde kliniek in Kiev.

Het is een van de vele voorbeelden van burgerinitiatieven in een land waar de overheid schromelijk tekortschiet. Sinds de massademonstraties in de winter van 2013 op 2014 de Oekraïense president Janoekovitsj onttroonden, hebben burgers het heft niet meer uit handen gegeven. Een groot contrast met Rusland, waar onafhankelijke actiegroepen steeds vaker als staatsgevaarlijk worden behandeld.

Mijn eerste kennismaking met Oekraïense vrijwilligers was in het voorjaar van 2014. In een militaire dumpwinkel in Charkov kochten de veertigers Kristina Abramovska en Aleksandra Chartsjenko met geld van kennissen soldatenlaarzen, nachtkijkers en militaire jekkers. Daarna reden ze naar het gedemoraliseerde leger aan de Russische grens, 20 km verderop, waar een eenzame tank met de geel-blauwe Oekraïense vlag in de modder stond, de loop aarzelend oostwaarts gericht. Want daar, aan de andere kant van de grens, waren 20.000 Russische troepen samengetrokken en Oekraïne, politiek instabiel na de machtswisseling in Kiev, vreesde voor een invasie.

Terwijl de soldaten de gaven dankbaar in ontvangst namen, kwam een oude boerin brood, spek en cola brengen. Het bood een ontroerende en angstaanjagende aanblik. Moesten ze hiermee de oorlog winnen?

De oorlog in de Donbass leidde tot een golf van steun voor het leger, dat aanvankelijk praktisch met lege handen tegenover de door de Russen gesteunde rebellen stond. Een leger huisvrouwen knoopte camouflagenetten en haalde geld op voor helmen, nachtkijkers en foeragering van de vrijwilligersbataljons. Hulporganisatie De zwarte tulp ging met eigen transportmiddelen en sondeapparatuur in rebellengebied op zoek naar de lijken van vermiste soldaten. Een team universitaire techneuten ontwierp drones voor het leger.

Maar het spectaculairste burgerinitiatief vormden de duizenden mannen die zich als vrijwilligers meldden voor het front toen het Oekraïense leger niet bij machte bleek de opstand neer te slaan. In Dnepropetrovsk zag ik de geboorte van bataljon Dnepr-1, dat aanvankelijk werd gefinancierd door de bankenmagnaat Igor Kolomojski, de grootste werkgever van de stad. Jong en oud stonden ervoor in de rij, werden kort getraind, (licht) bewapend en vervolgens de oorlog ingestuurd. In Oekraïne is iedereen het erover eens dat zij een cruciale rol hebben gespeeld bij het beperken van de opstand tot een klein deel van het land.

‘In 2004, tijdens de Oranjerevolutie, zijn we na de overwinning weer gewoon naar huis gegaan en hebben het land aan de politiek overgelaten,’ zei Artjom tegen me als verklaring voor het opmerkelijke feit dat hij de wapens opnam. ‘En dus bleef alles bij het oude. Dat mag ons geen tweede keer gebeuren. Deze keer moeten we de machthebbers dwingen tot hervormingen.’

Artjom zat vier maanden in krijgsgevangenschap, totdat hij een jaar geleden werd uitgewisseld. ‘Ik snap nu beter dan ooit dat wij Oekraïners onze problemen zelf moeten oplossen. We moeten vechten tegen het gevoel van uitzichtloosheid en wanhoop dat bij de mensen leeft. Weg met de sovjet-mentaliteit, dat de gewone man niks heeft in te brengen. Dat besef geeft me energie. Ik wil politiek actief zijn.’

Zo is er een Oekraïense afdeling van Amnesty International en van corruptiewaakhond Transparency International. Biedt het onafhankelijke tv-station Hromadske (Burger-tv) alternatieven voor de nog steeds door oligarchen gefinancierde televisiekanalen. En in Odessa vertelde Sergej Dibrov me over zijn onderzoek naar de toedracht van de brand in het Vakbondshuis op 2 mei 2014, waarbij 42 pro-Russische activisten om het leven kwamen. Het was de gruwelijke ontknoping na wekenlang opgelopen spanningen tussen pro- en anti-Kiev-activisten.

Journalist Dibrov begreep dat van de overheid geen onafhankelijk onderzoek te verwachten was en stelde een groep samen met vertegenwoordigers uit beide kampen. Ze interviewden 250 getuigen en deelnemers, spraken met experts en ontzenuwden de complottheorieën die door Moskou en Kiev werden gevoed: er was geen Russisch gifgas, noch Amerikaanse fosforbommen. Het was een noodlottige samenloop van omstandigheden in een explosief mengsel van haat en adrenaline, waarbij ook de hooligans van de voetbalwedstrijd van die avond een rol speelden. De onderzoeksgroep publiceerde haar bevindingen op internet en plaatste een filmpje op YouTube.

Voor de overheid had Dibrov geen goed woord over. De politie faalde jammerlijk (‘er heerste midden in de stad drie uur lang totale anarchie zonder dat de politie iets kon uitrichten’) en het Openbaar Ministerie deed geen deugdelijk onderzoek (‘dat komt doordat onze gerechtelijke instanties corrupt zijn en niet uit op waarheidsvinding’). ‘En toen ons rapport op internet verscheen,’ zegt Dibrov lachend, ‘zette het Openbaar Ministerie het direct op zijn eigen site, met eigen handtekeningen eronder.’

Zonder druk van de burgerij komt de overheid in Oekraïne nog steeds niet in beweging. Dat weet ook Andriy Andrjoesjkiv. Hij werkt in een klein, modern ingericht kantoor bij de hoofdstraat van Kiev, twee jaar geleden de plek waar een omvangrijk tentenkamp onderdak bood aan de demonstranten van het Majdanplein. Met twaalf jonge krachten leidt hij de expertgroep ‘Reanimatiepakket van Hervormingen’, financieel gesteund door de Europese Unie en de Verenigde Staten. De club heeft een netwerk van 350 professionals (juristen, economen, politicologen), die helpen bij het opstellen van nieuwe wetsvoorstellen voor het Oekraïense parlement, dat in Nederland voornamelijk het nieuws haalt wegens vechtpartijen tussen parlementsleden. ‘Oude politiek,’ lacht Andrjoesjkiv, een vrolijke jongen met een ringbaardje.

De groep maakte een stappenplan voor de belangrijkste hervormingen en ondersteunt de onderbetaalde parlementariërs. De twee belangrijkste wetshervormingen die nu voorliggen in het parlement zijn een decentralisatiewet, bedoeld om de macht van Kiev terug te dringen en de (oostelijke) provincies meer zelfstandigheid te geven, en een anti-corruptiewet. Decentralisatie was een van de eisen van de opstand van Majdan, maar is ook een van de voorwaarden in het vredesakkoord van Minsk. Het moet onder meer de status van de Volksrepublieken regelen. En zonder juridische hervorming komt een scheiding der machten in Oekraïne niet van de grond. Pas dan kan begonnen worden met de lange strijd tegen de corruptie bij overheid en rechterlijke macht.

Voor de juridische hervorming lagen er twee wetsvoorstellen op tafel: Porosjenko’s variant handhaafde de controle van de president op de benoeming van rechters en openbaar aanklagers. Maar onder druk van de Europese Unie en de VS koos Porosjenko uiteindelijk toch voor het voorstel van de expertgroep, dat is afgestemd op internationale rechtsnormen. ‘Porosjenko wilde de controle houden, maar heeft bakzeil gehaald,’ zegt Andrjoesjkiv erover. Nu moet de wet het parlement nog passeren.

Die angst voor controleverlies van hoog tot laag heeft alles te maken met de medeplichtigheid van politici en ambtenaren: iedereen die carrière heeft gemaakt in staatsdienst heeft inkomsten gehad die niet te verantwoorden zijn. Dat gaat van kleine gunsten tot grote sommen zwart geld. Dus iedereen heeft reden te vrezen voor vervolging. ‘Het is hondsmoeilijk dat systeem te breken. Er is eenlustratiewet aangenomen, maar er worden nog maar mondjesmaat mensen ontslagen,’ legt Andrjoesjkiv uit. Daarom heeft het ook twee jaar geduurd voor eindelijk een onafhankelijk Anticorruptiebureau van start is gegaan: de belangen zijn enorm en de benoeming van de directeur liet eindeloos op zich wachten.

Andrjoesjkiv laat zich niet ontmoedigen. ‘Er zijn ook successen te melden: voor het eerst hebben we een publieke tv-zender, die niet afhankelijk is van oligarchen; de energiesector wordt aangepakt door de gasmarkt te demonopoliseren; er is een wet aangenomen die partijen verplicht hun financiën te openbaren om de politieke invloed van de oligarchen te breken.’ Zo beukt zijn club hardnekkig tegen de fundamenten van de oude garde. Zonder druk uit het buitenland zouden ze het niet redden, zegt hij.

Nu de oorlog in de Donbass is geluwd, ligt het vergrootglas op de politieke macht in Kiev. Detotal make-over van Oekraïne staat op de agenda, een heidens karwei. Waar moet je beginnen?

Een simpele wisseling van de wacht is volstrekt onvoldoende. Die zou eigenlijk gevolgd moeten worden door een generatiewisseling in de politiek. Jonge onbezoedelde parlementariërs uit verschillende partijen voeren inmiddels gesprekken over de oprichting van een nieuwe partij tegen de corruptie. Ze beginnen hun geduld te verliezen. Zij zullen de steun van een zelfbewuste actieve burgerij hard nodig hebben.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s